Cnls,

Centrum voor nieuwe leerstrategieën

 

Praktijkadres:

 

Prins Hendrikstraat 224a Hoek van Holland

 

Telefoon: 0174 242101    0625217234

© CNLS 2010

Welkom.

Visuele training.

Auditief.

Reflexen.

Fixatie disparatie.

Ooghandcoördinatie.

Beelddenken.

Verbaal-performaalkloof.

Samonas klanktherapie.

Remedial teaching.

 

 

Ooghandcoördinatie en handschrift

 

Bij de jonge baby sturen de handen de ogen: vanuit de reflexen beweegt de baby de arm opzij, waarna het hoofd en de ogen naar de hand draaien.

Op een gegeven moment moet deze reflex verdwenen zijn. Het is namelijk niet de bedoeling dat zo gauw je arm beweegt ook het hoofd en de ogen "getriggerd" worden. Er moet controle over zijn.

 

Zoals al opgemerkt: op een gegeven moment moeten de ogen de hand kunnen sturen. Kleuren binnen de lijntjes, schrijven op de lijntjes.

Bij de aanwezigheid van reflexrestanten is er nog onvoldoende controle en zal het schrijven problemen geven. Het kind is er nog niet aan toe. Maar ja, je zit in groep drie en dan moet je gaan leren schrijven!

Meestal wordt dan het probleem gezocht in de fijne motoriek, terwijl dat zelden terecht is. Een kind dat kleine kralen tussen duim, wijsvinger en middelvinger kan oppakken en weer netjes neerleggen heeft een voldoende ontwikkelde fijne motoriek. En toch gaan veel scholen de fijne motoriek aanpakken om het handschrift te verbeteren. Uiteraard zonder succes. Dan maar weer de grove motoriek de schuld geven en de methode Schrijfdans uit de kast halen. Maar dat geeft ook geen oplossing, want je schrijft niet vanuit de grove motoriek.

 

Een kind dat netjes en vlot kan kleuren binnen

de vakjes en een potlood of pen kan hanteren

heeft geen motorische drempel om te kunnen

leren schrijven.  

Voor een verklaring van een  

moeilijk leesbaar handschrift moeten we dus

op zoek naar andere oorzaken.

 

 

 

Laten we eens kijken wat de Sichting Schriftontwikkeling hierover te melden heeft.

we citeren:

Niet kunnen schrijven doet zich in de volgende gevallen voor:

 

  1. als iemand geen armen of handen/vingers heeft om mee te schrijven. (Schrijven met de voet is dan weer wél een optie. Sommigen kunnen ook met de mond schrijven.)
  2. als iemand blind is (hoewel daar soms toch nog mogelijkheden voor bestaan).
  3. als iemand een neurologische stoornis heeft, waardoor de bewegingen niet gecoördineerd kunnen worden.
  4. als iemand niet intelligent genoeg is om de lettervormen en trajecten te kunnen begrijpen.
  5. als je het niet of niet goed geleerd hebt gekregen.

 

Voor het overige kan iedereen leren schrijven, die er rijp voor is.

 

Nummer 1 t/m 4 kom je binnen het reguliere basisonderwijs niet zo vaak tegen. Blijft over nummer 5.

 

De oorzaak van een slecht handschrift wordt nooit in het onderwijs zelf gezocht. Altijd is het ‘t kind dat niet deugt.

einde citaat

 

Natuurlijk is het bovenstaande citaat kort door de bocht. Er zijn genoeg kinderen zonder neurologische stoornis, waarbij de ooghandcoördinatie door wat voor oorzaak dan ook zodanig is, dat een leesbaar handschrift onmogelijk is.

Wie het over ooghandcoördinatie heeft, moet weten waar het over gaat: op hele jonge leeftijd stuurt de hand de ogen, maar op latere leeftijd is dat andersom; de ogen sturen de hand. Om daar iets zinnigs over te kunnen zeggen moet je dus verstand hebben van de ogen en  de hand, en de relatie tussen die twee.

De oogbewegingen als basis voor de ooghandcoördinatie moet je kunnen testen om te weten of ze toereikend zijn of niet. En welke leerkracht kan dat?

Vandaar dat de term ooghandcoördinatie veelvuldig wordt gebruikt, maar dat het dan eigenlijk alleen maar gaat om de hand. Van dat andere heeft men geen verstand.

Oplossingen worden daarom gezocht bij de handmotoriek, wat zelden tot iets goeds leidt.

 

Wij van Cnls hebben verstand van ogen en hand. En kunnen een en ander testen, in kaart brengen en behandelen.

 

 

Kinderen die ten gevolge van nog aanwezige reflexrestanten nog niet toe zijn aan schrijven, maar dit wel moeten doen kunnen wij goed helpen met ons trainingsprogramma. Eerst worden de reflexen voor zover nog aanwezig weggetraind en vervolgens wordt er een inhaalslag gemaakt door de ooghandcoördinatie aan te pakken.